IMG_1548-min-website-1024x683

Ede TV op Ontmoetingsfeest 2018

Ede TV kwam een bezoek brengen aan het Ontmoetingsfeest. Ze hebben wat sfeerbeelden gemaakt en onder andere onze collega’s  Vincent Simon en Marieke van der Heide geïnterviewd. Bekijk hier de video:

IMG_1548-min-website-1024x683

Een nieuw begin! – Ontmoetingsfeest 2018

Begin december: het jaarlijkse Ontmoetingsfeest. Dit jaar de negende editie en georganiseerd door Netwerk Dien je Stad, samen met Mentorproject Laten we Welzijn, Coördinatie Vrijwilligers Vluchtelingen Ede (CVVE) en Tot uw Dienst!. Vier verschillende organisaties, maar allemaal geloven zij in de kracht van de vrijwilliger! Deze maandagavond vieren we, met zo’n 450 gasten de inzet van deze vrijwilligers en de mooie ontmoetingen zijn ontstaan tussen Edenaren.

Vanavond ontmoeten al deze mensen elkaar onder het genot van een diner en een avondvullend programma. Twee dames lopen gezellig kletsend de zaal binnen. “Ongeveer 6 jaar geleden werd ik haar maatje” vertelt de één. “We hebben het traject een aantal keer verlengd, maar op een gegeven moment kon dat niet meer. Dus toen zijn we maar vriendinnen geworden” lacht de ander.

De avond start met een filmpje waarin vier mensen hun verhaal vertellen. Allemaal hebben ze een ‘nieuw begin’ gekregen, mede door de vier organisaties die het Ontmoetingsfeest organiseren. Een jongen die via CVVE een maatje heeft vertelt: “Als er iets is bel ik Matthias, hij komt dan direct. Hij is veel meer voor mij dan alleen een maatje, hij is echt een vriend!”

Halverwege de avond vragen de presentatoren alle bezoekers om eens onder hun stoel te kijken. Bij een drietal van de gasten zit een envelop vastgeplakt, met een daarin een cheque van 100 euro. Deze mogen ze naar eigen inzicht geven aan iemand die wel een nieuw begin kan gebruiken, maar hiervoor de financiële middelen mist.

Er ontstaan mooie ontmoetingen, ook aan tafel: een oudere dame zoekt nog een lift terug naar huis. Een echtpaar wat tegenover haar zit reageert direct; “wij kunnen u wel even thuis brengen!” Overal zitten mensen gezellig te kletsen, helpen elkaar met opstaan en geven elkaar een arm als ze langs het buffet lopen. Honderden kaarsen branden gezellig en op de achtergrond klinken vrolijke kerstliedjes.

Aan één van de tafels zit een Syrisch gezin, ze hebben het lastig met de Nederlandse taal. Gezellig kletsen met de mensen aan hun tafel is een uitdaging, hoe hard ze ook proberen. Echte ontmoeting ontstaat als ‘De Trekvogels’ beginnen te spelen. Een band met leden uit verschillende landen speelt onder andere Syrische muziek. Samen dansen ze op deze voor hen bekende muziek en de lach op hun gezicht laat zien hoe ze genieten.

“Ik zit ook echt te genieten” zegt een oude dame glunderend, terwijl ze nog een soesje in haar mond stopt. “Zulk heerlijk eten en gezellige mensen. Soms zijn er klusjes bij mij thuis die ik zelf niet meer kan. Dan komen er jonge mensen om mij te helpen. Daar ben ik heel dankbaar voor, dat is ook altijd zo gezellig!”

Wanneer het feest is afgelopen en de zaal langzaam leegloopt vertelt een dame in een prachtige felgekleurde Afrikaanse jurk: “sinds een aantal weken is er familie uit Afrika naar Nederland gekomen. Ikzelf woon hier al 26 jaar. Vanavond heb ik ze meegenomen, omdat ik zo trots ben op initiatieven zoals deze

foto-Fokko

“Mensen denken vaak dat vrijwilligerswerk heel groots is en dat je er gelijk iedere week aan vast zit”

Fokko is al negen (!!) jaar vrijwilliger bij Netwerk Dien je Stad. Al vanaf de start van het netwerk is hij actief. Hij begon op kantoor, wat toen nog bestond uit twee kleine kamertjes. Hier hielp hij met administratieve klusjes, zoals het invoeren van uren of brieven versturen voor het Ontmoetingsfeest. Fokko: “Toen dacht ik, kantoorwerk is niks voor mij. Ik ben nog jong en heb energie, laat mij maar wat meer praktisch bezig zijn! Toen heb ik met een andere vrijwilliger heel veel praktische klussen gedaan. Ik heb ondertussen al zó veel gedaan, ik weet het allemaal niet meer…”

Veel van de mensen die Fokko tegenkomt zijn eenzaam. Om uiteenlopende redenen zijn ze in een isolement geraakt en vaak kunnen ze het dan niet meer zo goed overzien. “Dat ik iets kleins kan doen en hen daar zo bij kan helpen, dat is wel echt mooi!” vindt Fokko.

De dankbaarheid van de mensen is aan Fokko niet besteed: “Dan zeg ik: je mag je reep chocolade houden, als je mij een hand geeft ben ik tevreden.” Toch vindt hij het mooi dat mensen op hun eigen manier proberen iets terug te doen. “Soms gaan mensen tosti’s bakken, als je in de tuin bezig bent. Ze bieden je sowieso 23 keer koffie aan, en soms willen ze je dus een reep of fles wijn meegeven.”

Zelf is Fokko ook veranderd in de afgelopen jaren. “Geen mens is gelijk en de meeste mensen die ik tegenkom hebben het toch vaak zwaar. Vaak probeer ik dan een beetje te relativeren met humor. Niet richting hen, hoor! Maar gewoon een beetje grapjes maken. Eerder kon ik me dingen wel eens persoonlijk aantrekken, maar tegenwoordig weet ik beter hoe ik met mensen om moet gaan.”

Zolang hij nog tijd en ruimte heeft blijft Fokko actief bij Netwerk Dien je Stad. “Mensen denken vaak dat vrijwilligerswerk heel groots is en dat je er gelijk iedere week aan vast zit. Maar dat is helemaal niet zo, zeker bij praktische klussen kan je zelf aangeven wat je wilt. Zeker bij verhuizingen; iedereen die een uurtje helpt zijn we al blij mee!”

De voldoening die het hem geeft is de reden dat Fokko nog steeds betrokken is. Ook vindt hij het mooi om op deze manier iets van zijn christelijke levensovertuiging in praktijk te brengen. “Het levert je gewoon zoveel meer op als je je dienstbaar opstelt. En dan is Dien je Stad een hele mooie plek om daar invulling aan te geven.”

Wil jij ook een keer iemand helpen? Word vrijwilliger bij Netwerk Dien je Stad!
netwerk@dienjestad.nl

foto-Gerdieneke-1024x768

Maak kennis met: Gerdieneke

Bel of mail je wel eens met Netwerk Dien je Stad? Dan is de kans groot dat je als eens contact hebt gehad met Gerdieneke. Vanaf september loopt zij haar derdejaars stage van Social Work bij Dien je Stad. Nu bijna drie maanden verder zijn we benieuwd hoe het haar bevalt! Tijd om haar eens een paar vragen te stellen…

Waarom heb je bij Netwerk Dien je Stad gesolliciteerd?

“Tijdens mijn vorige stage had ik een aantal maatjes, het leek me naast het uitvoeren ook heel leuk om projecten te regelen. Daarnaast wilde ik graag in een team werken. Dus dat sprak me wel aan in de stage bij Dien je Stad. Ik kende hen al een beetje van het huiswerkproject uit mijn eerste jaar. Daar begeleidde ik een Turks meisje uit groep 7. Ik probeerde de huiswerkopdrachten een beetje te verwerken in spelletjes, zodat het wat leuker voor haar werd. Ze zei nog tegen me: ‘we lijken wel op elkaar, we houden allebei niet van huiswerk’.

Wat zijn je taken bij Dien je Stad?

“Ik werk twee dagen voor team praktisch en twee dagen voor team sociaal. Dus maandag en dinsdag ben ik bezig met het oplossen van praktische hulpvragen; een lamp ophangen of een verhuizing regelen. Daar probeer ik dan vrijwilligers voor te vinden. En woensdag en donderdag help ik vooral bij het huiswerkproject. Er zijn dan 7 eerstejaars die ik mag begeleiden. Erg leuk, vooral omdat ik het zelf ook gedaan heb!”

Krijg je vaak positieve reacties terug?

“Ja, eigenlijk altijd wel. De meeste vrijwilligers vinden het echt een leuke ervaring! Pas had ik een groepje en zij vertelden dat ze echt wel geraakt waren door de situatie waar iemand dat in zit. Een heel huis vol spullen. Dan vragen ze zich wel af, hoe kan iemand zo leven?

Dat herken ik wel, soms ga ik wel eens langs bij een groepje vrijwilligers om te kijken hoe het gaat. En mensen zijn vaak heel blij als je komt. Je neemt echt een kijkje in hun leven. Dat vind ik echt wel bijzonder, dat ze daar open voor staan. Normaal kom je nooit zo bij iemand binnen…”

Wanneer ga jij met een tevreden gevoel naar huis?

“Als mensen verder zijn geholpen. Als bijvoorbeeld een klus goed is gegaan en iedereen blij is met het resultaat. Verder ben ik erg blij met het team waar ik in werk. Iedereen is positief en betrokken en wil altijd even met je meedenken of je ergens mee helpen. Dat zorgt ook dat ik me hier eigenlijk gelijk vanaf het begin al thuis voelde.

Wat staat er in de komende periode op het programma?

“Sowieso natuurlijk het Ontmoetingsfeest op 10 december. Ik ben er zelf wel eens geweest en toen vond ik het een bijzondere avond, dus het lijkt me tof om daar nu weer te zijn. Een mooi concept waarbij allerlei verschillende mensen samen uit Ede eten en elkaar ontmoeten. Verder blijven de hulpvragen wel binnenkomen, dus er is altijd genoeg te doen!

foto-Marjon-1024x683

“Iets wat voor mij een kleine moeite is, kan voor iemand anders heel groot zijn”

Marjon is al een aantal jaar vrijwilliger bij Netwerk Dien je Stad. Eerst binnen een aantal projecten, maar de laatste jaren vooral eenmalige klussen: “Ik heb een kast uit elkaar gehaald, een bed versleept, gordijnen opgehangen, lampen opgehangen en muurtjes geschilderd. Ik vind het heel leuk om allerlei verschillende dingen te doen. Iets vast is nu voor mij niet handig, maar op deze manier kan ik toch actief blijven. Ik vind Netwerk Dien je Stad echt een gaaf initiatief, dus dat wil ik wel graag blijven steunen!”

Ze vertelt: “Ik wil graag wat betekenen voor de wereld en andere mensen laten zien dat ze waardevol zijn en dat ze gezien worden. Ik denk dat als je iets kleins voor iemand kan doen, of iets wat voor mij heel klein is, dat kan voor iemand anders heel groot zijn. En daar kan ik iemand anders blij mee maken, dan is mijn dag eigenlijk ook al weer goed! Als je een glimlach op iemands gezicht kan toveren, dan ben ik alweer blij, daar doe ik het dan eigenlijk voor. Dat vind ik belangrijker dan geld of waardering.”

Toen Marjon begon met haar studie SPH in Ede leerde ze Netwerk Dien je Stad kennen. “Ik begon met huiswerkbegeleiding aan een jong meisje. Ze was net in Nederland en vond het erg spannend allemaal. Toen ben ik met mijn studie gestopt en stopte de huiswerkbegeleiding ook. Maar ik dacht wel: dit is een tof initiatief, hier wil ik iets mee blijven doen.”

Marjon blijft betrokken en helpt een ouder echtpaar wekelijks met de boodschappen. Samen met mevrouw rijdt Marjon naar de supermarkt en samen werken ze het lijstje af. “Mevrouw liep met een rollator, dus vanuit mijn perspectief ging het allemaal niet zo snel” lacht Marjon. “Het uitpakken van de boodschappen en inladen in de auto was voor haar erg zwaar, dus dat deed ik dan voor haar. Thuis ruimden we alles op en dronken we nog een kopje thee.”

Het helpen van mensen die hulp nodig hebben is iets wat Marjon van jongs huis uit heeft meegekregen. “Mijn ouders stimuleerden ons daar wel in, mijn opa en oma zijn een keer ongeveer tegelijk geopereerd waardoor ze niet konden lopen. In die periode lieten wij dan hun hondje uit. Tjsa, als wij dat makkelijk even voor hen kunnen doen, waarom zouden we hen daar dan niet even mee helpen?

Dat is typerend voor de houding van Marjon: “Het zijn van die kleine dingen. Voor mij is het echt geen moeite om een boodschappentas te tillen. Maar voor iemand die met een rollator loopt en overal last van heeft wel! Of iemand die zelf geen gordijnen kan ophangen en ik wel. Waarom zou ik dat dan niet even voor iemand kunnen doen. Dan kan je er mensen nog blij mee maken ook. Daar word ik zelf ook blij van!”

Wil jij ook een verschil in iemands leven maken? Word vrijwilliger bij Netwerk Dien je Stad!
netwerk@dienjestad.nl

foto-Jorian

“Als je iets van je eigen welzijn deelt, word je daar gewoon gelukkig van…”

Jorian knapt regelmatig tuintjes op voor mensen die dat zelf niet meer kunnen. Hij vertelt: “Zelf kunnen ze het niet meer, vanwege klachten of ouderdom en ze hebben ook niet echt een netwerk die hen kan helpen. Kleine moeite om zulke mensen even te helpen. Ze vinden het vooral fijn als je nog even een babbeltje maakt. Die verhalen worden al snel lang en diep, ik merk dat sommige mensen al een poosje hun verhaal niet kwijt konden. Eigenlijk luister ik alleen maar en maak ik af en toe een grapje, dat vinden ze helemaal mooi!”

Tijdens zijn opleiding Social Work kwam Jorian voor het eerst in aanraking met Netwerk Dien je Stad. Met een aantal klasgenoten heeft hij een voetbaltoernooi georganiseerd voor jongens uit een vluchtsituatie. “Ik had zoiets nog nooit gedaan, maar vond het heel gaaf om op een laagdrempelige manier in contact te komen met vluchtelingen. Aan het begin was het wat onwennig, maar door samen een spel te spelen kan je makkelijk verbinding leggen. Zij, maar wij ook, vonden het heel leuk en dan kom je er achter dat je eigenlijk heel veel gemeen hebt.”

Later klopt Jorian nog eens bij Netwerk Dien je Stad aan, als hij met een groepje van zijn studentenvereniging een avond praktisch aan de slag wil. Hier start zijn carrière als tuinman bij Netwerk Dien je Stad. Behalve groene vingers levert het hem vooral een goed gevoel op: “Als je iets van je welzijn deelt met een ander, word je daar uiteindelijk zelf ook gelukkiger van. Het is gewoon mooi om mensen te helpen, want daar heeft niet alleen de ander iets aan, maar jijzelf ook.”

Toch ziet Jorian dat veel van zijn leeftijdsgenoten vooral met zichzelf bezig zijn. “Als je studeert, bestaat je netwerk vooral uit mede-studenten, met wie je lekker kan chillen en borrelen. Ik vind het tof dat ik via Netwerk Dien je Stad ook andere doelgroepen tegenkom, die ik anders niet zo snel zou zien. Ik ben daar enthousiast over, en ik denk door dat verhaal te vertellen, ik anderen ook kan aansporen!

Zou jij ook wel eens iets voor een ander willen doen? Dat kan! Stuur een bericht naar netwerk@dienjestad.nl

foto-Danila

“Mevrouw is zo blij dat ik kom, dat ze al klaar zit in haar rolstoel!”

Danila studeert verpleegkunde en doet daarnaast boodschappen met een oude dame. Dit is vooral erg gezellig vertelt Danila: “Mevrouw is zelf vroeger ook verpleegkundige geweest. En ze heeft veel reizen door Indonesië gemaakt, en mijn familie heeft daar gewoond, dus daar kunnen we leuk over kletsen. Ondanks het leeftijdsverschil hebben we echt leuke gesprekken!”

Vaak doen Danila en de dame eerst samen boodschappen en daarna drinken ze nog een kopje thee. “Meestal is mevrouw zo blij dat ik kom, dat ze beneden al klaar zit in haar rolstoel!” In de Albert Heijn werkt het tweetal het zorgvuldig samengestelde lijstje af. Maar spontane aankopen moeten ook kunnen: “pas zag ze een aanbieding van twee bosjes bloemen, 1 + 1 gratis, dan wil ze dat ik ook een bosje voor mijzelf uitzoek.”

Dat de dame zelf nog kan kiezen wat ze wil is volgens Danila erg belangrijk voor haar: “ik merk aan alles dat zelfstandigheid heel belangrijk is voor haar. Soms zegt ze wel eens; ‘toen ik mijn auto moest inleveren was het voor mij wel echt een grote stap, dat ik niet zomaar meer naar mijn vriendinnen kon gaan.”

Naast de boodschappen neemt Danila haar ‘leenoma’, zoals ze de oude dame noemt, wel eens mee om iets leuks te doen. “Een poosje geleden gingen we even een ijsje eten bij de Bernardo’s en toen zei ze; ‘ik kan me niet meer herinneren wanneer ik voor het laatst de stad in ben geweest en een ijsje heb gegeten.’ Ze had de hele dag een enorme glimlach op haar gezicht, zo leuk!”

“Doordat ik zie hoe fijn zij het vindt dat ik langs kom, besef ik me wel steeds meer dat iets wat voor mij heel klein is en helemaal niet veel moeite kost, zó veel voor iemand anders betekent. Als ik langskom, dat maakt gewoon echt haar dag. Voor mij is het één van duizend dingen op een dag, en voor haar is het echt het hoogtepunt, dat is wel heel mooi.”

Danila vindt het bijzonder hoe goed de dame en zij het kunnen vinden samen: “Dien je Stad heeft ons echt mooi aan elkaar gekoppeld! Ik vond het ook heel prettig dat ik goed kon aangeven hoeveel tijd ik wilde investeren en wat mogelijk was binnen mijn agenda. Daardoor is het vrijwilligerswerk heel goed te combineren met studie en mijn sociale leven!”

Zou jij het ook leuk vinden om (twee) wekelijks met iemand op te trekken?
Stuur een mail naar netwerk@dienjestad.nl

foto-Noa

“Toen ik hoorde hoe véél kinderen wachten op begeleiding, was ik overtuigd!”

Noa (20) geeft huiswerkbegeleiding aan Dario, een jongen van Marokkaanse afkomst die in groep 8 zit. In het afgelopen jaar heeft Dario al grote stappen gezet. Noa vertelt: “In het begin vroeg ik hem, wat wil je nou zelf bereiken? Hij gaf aan graag naar het Pallas Athene college te willen, maar daarvoor moet je in ieder geval TL voor hebben. Dat niveau had hij echt nog niet, maar door iedere week hard te werken, kan hij nu naar deze school!”

Iedere week spreken Noa en Dario een uurtje af. Ze zijn dan niet alleen maar serieus bezig, samen hebben ze afgesproken om in ieder geval een half uur met huiswerk bezig te zijn en daarna gaan ze nog even voetballen of een spelletje doen.

Niet alleen de schoolresultaten van Dario zijn verbetert. Noa merkt op dat zijn zelfvertrouwen ook veel groter is geworden. “In de winter zijn we een keer gaan schaatsen op de ijsbaan en daar merkte ik dat hij het helemaal geweldig vond. Op zo’n kleine schaatsbaan ben je met heel veel mensen in contact. Je botst eens tegen iemand aan, of dan val je weer. Daar zag ik een kant van hem waar hij om ging met andere mensen. Daar werd hij, ook richting mij, veel zelfverzekerder van.”

Noa vindt het ook erg leuk om bij een Islamitisch gezin over de vloer te komen. “Toen ik daar de eerste keer kwam zat het hele gezin op de bank en stond de tafel vol met eten. De gastvrijheid is enorm! Ze doen heel erg hun best om Nederlands tegen mij te praten, vragen altijd of ik iets wil eten of drinken. Daar heb ik veel van geleerd; hoe zij zijn. Ik wist gewoon heel weinig over hun cultuur en je hebt toch best wel wat vooroordelen.”

De huiswerkbegeleiding duurt in principe een jaar, maar Noa denkt dat hij en Dario elkaar nog wel blijven zien: “ik ben wel heel benieuwd hoe het door de jaren heen met Dario gaat. Dus ik zou het eigenlijk wel heel leuk vinden om nog een beetje contact te blijven houden.”

“Door het doen van dit maatjescontact heb ik wel echt gezien wat het voor iemand kan betekenen als je tijd en aandacht aan iemand geeft. En dat hoeft niet eens een jaar lang in de vorm van een maatjescontact… Ik woon midden in het centrum, ik kom genoeg mensen tegen die ik gewoon vriendelijk kan groeten, daar kan ik al mee beginnen!“

Lijkt het jou leuk om, net als Noa, een jaar met een kind op te trekken en hem of haar echt verder te helpen? Mail dan naar netwerk@dienjestad.nl

allen-taylor-486831-unsplash

Met studenten in gesprek over opvoeding!

Wilt u meedoen aan het lesprogramma ‘Vraag, analyse, plan’ op de CHE?

Kader

Het lesprogramma vindt plaats in het eerste jaar van de vierjarige HBO-studie Social Work. De studenten zijn nog maar een aantal weken op school als zij al aan de slag mogen met methodisch hulpverlenen. Een aantal lessen hiervan zijn praktijklessen; de lessen waarbij de ouder* een belangrijke rol speelt. Tijdens deze lessen leren studenten contact maken, goede vragen stellen, samenvatten, de vraag analyseren om uiteindelijk (kleine) doelen te stellen en een ‘plan(netje) van aanpak’ te maken, samen met de ouder. Dit alles onder begeleiding van een methodiekdocent.

Parralel aan dit vak ontvangen de studenten ook andere vakken zoals pedagogiek, psychologie, sociologie en onderzoeksvaardigheden.

Planning

Er zijn 3 praktijklessen met de ouder. De eerste praktijkles vindt gewoonlijk plaats in week 40, de tweede in week 41 en de derde rond week 44.

Elke praktijkles bestaat uit 3 lesuren (1 lesuur duurt 45 minuten) voor een halve lesgroep.

Het 1e uur van dit blokje is alleen met de docent en de klas, in de laatste twee uren gaat de groep  met de ouder in gesprek. Je hebt te maken met een groep van ca. 10-12 studenten.

Aan het eind van de les wordt er geëvalueerd, soms met de ouder erbij en soms alleen met de klas en de docent. Afhankelijk van hoe het loopt ben je als ouder per les ongeveer een uur tot anderhalf uur ‘aan het werk’.

Verwachtingen aan de ouder

Als ouder hoef je je eigenlijk niet voor te bereiden. Wel is het belangrijk dat je bereid bent om open te zijn en je kwetsbaar op te stellen. De studenten zullen allerlei vragen gaan stellen en samen kies je dan een (opvoed)thema wat verder wordt uitgewerkt. De vraag die geldt als uitgangspunt is: als je (terug)kijkt naar de opvoeding van je kind(eren), wat gaat goed en wat vind je lastig/zou je (terugkijkend) iets anders willen doen.

In gesprek over de opvoeding zullen er ook thema’s (levensgebieden) die daarop van invloed zijn voorbij komen zoals bijvoorbeeld onderlinge relaties, werk/dagbesteding, lichamelijke gezondheid, financiën etc. Natuurlijk mag je als ouder wel een grens aangeven over wat je wilt delen en wat niet. Overigens wordt aan studenten gevraagd je privacy te respecteren; wat in de groep gedeeld wordt, blijft in de groep.

Feedback van jou als ouder aan de student wordt erg gewaardeerd. Dit kun je zelf aangeven maar ook de docent zal hier waarschijnlijk naar vragen: wat vond je een goede vraag, was er sprake van contact, hoe vond je de benadering van deze student? Etc.

De voorkeur gaat uit naar ouders met kinderen in de leeftijd van 5 tot 16 jaar.

De gang van zaken

Bij aankomst op de CHE meld je je bij de receptie. De gastvrouw biedt je een kopje koffie aan, vraag er naar als dit wordt vergeten. Ze wijst je zo nodig de weg naar het lokaal. Bij het lokaal word je opgevangen door de docent.

Tijdens de les zullen de studenten worden uitgedaagd om om de beurt met jou als ouder het gesprek te voeren over de opvoeding van de kinderen. Dit is voor de student ook vaak heel spannend! De student krijgt hierbij feedback van docent/mede studenten/jou als ouder zodat hij maximaal kan leren.

Doel van de studenten voor deze drie praktijklessen is om (zoals de naam van het vak al aangeeft) 1) een (hulp)vraag te formuleren, 2) deze te analyseren en 3) hier een plan van aanpak voor te maken. Dit alles natuurlijk samen met de ouder.

Vragen of meedoen?

Neem contact op met Netwerk Dien je Stad door te bellen naar 06-81196502 of te mailen naar netwerk@dienjestad.nl

Vraag naar Vincent Simon

* Waar ‘ouder’ staat kan ook ‘ouders’ worden gelezen

pexels-photo-242148a-1024x476

“Door de juiste vragen van de studenten is het thuis weer rustig!”

Afgelopen september deed Netwerk Dien je Stad een opmerkelijke oproep op Facebook. Gezocht: enthousiaste ouders. Voor een samenwerking met de opleiding Social Work aan de Christelijke Hogeschool Ede konden ouders met een opvoedvraagstuk zich aanmelden voor een aantal sessies waarin studenten de vraag analyseren en advies geven. Ondertussen is het traject afgelopen en wil een van de ouders zijn verhaal vertellen.

Johan (31) is getrouwd met Leanne (30)* en samen hebben ze drie kinderen. Twee meisjes, van 5 en 1,5 jaar en een jongen van 4 jaar. De opvoedvraag die Johan had toen hij aan het traject begon, ging over de driftbuien van zijn zoon. Deze buien waren behoorlijk dominant binnen het gezin en Johan kon daar slecht mee om gaan. “Soms gebeurde het dat mijn dochter moe naar school ging, omdat mijn zoon thuis heftig kon reageren, en ik daar niet op in kon spelen. Dat is natuurlijk heel vervelend en daar voelde ik mij machteloos over”

Tijdens de gesprekken met de studenten werd een model gebruikt om verschillende levensgebieden in kaart te brengen, zoals werk, relaties en woonsituatie. Als de studenten Johan hier over bevragen, wordt hij geconfronteerd met iets wat zich een aantal jaar eerder heeft afgespeeld. “Voordat we in Ede kwamen wonen, woonden we ergens anders. Hier hadden we heel slecht contact met de buren. Onze huurbaas waarschuwde ons hier van tevoren al voor, maar we dachten: zo makkelijk laten we ons niet uit het veld slaan.” De buren zijn echter erg gevoelig voor lawaai; waar je in oudere sociale huurwoningen al snel last van hebt met jonge kinderen. Op een dag staat het Advies & Meldpunt Kindermishandeling (AMK) op de stoep omdat ze een anonieme melding over Johan en Leanne hebben ontvangen. Vanaf het begin is het voor het AMK duidelijk dat niks wijst op kindermishandeling. Een aantal jaren later verhuist het gezin naar Ede.

Door de vragen van de studenten, die een helder beeld van de situatie proberen te schetsen, komt Johan tot het inzicht dat dit incident hem behoorlijk onzeker heeft gemaakt en traumatisch voor hem is geweest. Elke keer wanneer een van zijn kinderen een blauwe plek of schram oploopt, bekruipt Johan een angstig gevoel. Dit werkt echter ook door in een heftige situatie: “Pas viel mijn jongste dochter hard van de fiets en moest ze met een ambulance worden opgehaald. Op zo’n moment merk ik dat ik me meer zorgen maak over het Meldpunt Kindermishandeling, dan over het welzijn van mijn dochter. Dat vind ik heel erg. Ik wil er juist voor haar zijn, maar deze traumatische ervaring stond hierbij in de weg”

Door de vragen die de studenten van de CHE stellen, ziet Johan in dat deze traumatische ervaring zijn opvoeding bepaalt. Dit uit zich in onzekerheid en het willen controleren van zijn kinderen om te voorkomen dat dit nog eens gebeurt. Dit inzicht is voor Johan een grote stap en hij heeft het verhaal voor het eerst durven vertellen aan de huisarts en bij het consultatiebureau in Ede. Dit heeft hem veel vrijheid en bevestiging gegeven in zijn opvoeding. Ook probeert Johan wat soepeler en minder controlerend te zijn tegenover zijn kinderen. Met succes, want de driftbuien van zijn zoontje zijn verminderd en hij kan meer onbevangen in de relatie met hem staan. Doordat de studenten de juiste vragen stelden, brachten zij het balletje aan het rollen en is het een stuk rustiger in het gezin!

*Johan en Leanne zijn verzonnen namen en de kinderen op de foto zijn niet echt hun kinderen